Voordelen

Problemen rondom EN12767
Eerste probleem: De certificering van botsveilige masten NE3 is een lastig evenwicht tussen hoe strak het bovendeel van de mast op het grondstuk vast zit. Zit de constructie te los, valt de mast al om zonder aanrijding. Zit deze te vast, dan haalt ie de test niet.
Tijdens de bots-test hoeft niet aangetoond te worden wat de invloed van tijd met de constructie zal doen. Roest, bouten te vast aandraaien, in de grond zakken van de mast, dit alles wordt niet getest, terwijl de geplaatste masten daar allemaal last van hebben.
Tweede probleem: Het testen van botsveilige masten wordt dan weer in Soil -S-, dan weer in zand, dan weer in modder gedaan. Alle testers roepen dat hun testcondities het meest representatief zijn en aantonen dat hun mast dus altijd zullen functioneren. Maar dit zijn aannames en er zijn weinig plaatsen waar de plaatsing overeenkomt met de test. En al helemaal geen plekken waar dat gedurende de inrichtingsperiode zo blijft.

Oplossing voor deze technische discussie:
Zorg voor een bredere marge door middel van een TOAD. Met de TOAD dalen de waardes voor TIFF en AISI, zelfs in testmedium ‘lucht’. Grondsoort en verzadiging hebben geen invloed meer, veroudering van systemen worden tot op zekere hoogte gecompenseerd, inzakken van de mast wordt voorkomen.

Problemen rondom EN40
Volgens onze eigen studies voldoen de tabellen van de EN40 niet voor het funderen van lichtmasten en NBD constructies. Waar scheefstand niet meer wordt getolereerd kunnen we met de TOAD in diverse grondsoorten een oplossing hiervoor bieden.

Skip naar EN12767 of EN40+ voor meer uitleg